De strijd tussen resultaatgericht en kindgericht werken

Mission School

Tijdens het openingsgesprek met de directeur van de school werd duidelijk dat de school met dezelfde strijd te maken heeft als veel scholen in Nederland. Hoe vind ik de juiste balans tussen kindgericht en resultaatgericht werken? De school wil graag 100% kindgericht werken maar moet daarnaast ook voldoen aan de door de staat opgelegde normen. Onder de norm zakken kan grote (personele) consequenties hebben. Op dit moment zijn de rekenresultaten niet op orde. Dit legt zodanig veel druk op de school, dat men gedwongen wordt het rekenprogramma te intensiveren en resultaatgerichter te gaan werken om de achterstanden zo snel mogelijk in te halen. Om dit proces te begeleiden is er vanuit de staat een supervisor aangesteld. Deze geeft vrij dwingende adviezen. De school verliest daarmee een stuk ruimte om haar eigen keuzes te maken.

Het beperken van ruimte op het moment dat resultaten tegenvallen is een reflex die ik herken bij mezelf. Ruimte geven waar het kan en sturing waar het moet, is dan ook mijn motto. De vraag is echter of dat wel de goede reflex is. Dat zie ik ook op voormalig zwakke scholen. Omdat scholen zwak waren, werd er vanuit de directie heel erg gestuurd. Dat zie je op een positieve manier in de resultaten terug, maar op een negatieve manier in de zeer sturende manier van lesgeven van de leerkrachten. Zij durven hun eigen keuzes niet meer te maken en geven daarmee ook de kinderen erg weinig ruimte. Dat is wat mij betreft het paard achter de wagen spannen, want juist de professionaliteit van de leerkracht maakt het verschil. Ik ben er zelfs van overtuigd dat de kwaliteit van de leerkracht veel meer ter zake doende is dan het onderwijsconcept waarmee gewerkt wordt.

Wat betekent dat dan voor mij als directeur:

  1. Vertrouwen hebben in mijn team en in de gemaakte keuzes
  2. Daarvoor ook durven te blijven staan
  3. Insteken op de kwaliteit van werken i.p.v. het veranderen van de manier van werken
  4. Coachen i.p.v. (ver)oordelen

Vandaag werd weer eens duidelijk dat vormgeven aan goed onderwijs een proces van vallen en opstaan is. Ook na jaren van implementatie en hard werken gaan veel dingen goed, maar ook zaken fout. Onderwijs blijft een continu proces van leren en reflecteren. Een school is nooit af. Het is van belang om in te zien dat dat een onderdeel van het proces is en geen reden mag zijn om dat proces af te breken.

Zeker in het veranderingsproces van meer traditioneel aanbodgestuurd onderwijs naar kindgericht en vraaggestuurd onderwijs moeten moeilijke keuzes gemaakt worden. Keuzes waarbij we in conflict kunnen komen met bestaande systemen en structuren. Welke balans zoeken wij als school? Vanavond hebben we de te maken keuzes in groepjes mogen verkennen. Keuzes die vaak verstrekkende gevolgen hebben voor de leerlingen, de ouders en de leerkrachten. Keuzes waarbij belangen botsen. Het maken van die keuzes kost veel tijd, energie en wijsheid. Het vormgeven aan die keuzes des te meer. Wanneer die keuzes leiden tot onderwijs waarbij kinderen ook echt gezien worden, kinderen en teamleden hun rol kunnen pakken, het kind een prachtig mooie brede ontwikkeling doormaakt en iedereen trots is op en zich kan identificeren met zijn/haar school, dan is het toch onbestaanbaar dat zo’n school concessies moet doen aan al het moois dat ze heeft opgebouwd.

Ik wens de Mission School een mooie toekomst toe, waarbij ze helemaal zichzelf mag blijven. In eendracht verslaan we de vastgeroeste, gevestigde systemen en structuren.

Recommend0 recommendationsPublished in 01: Learning to use one’s mind well, 09: A tone of decency and trust

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

%d bloggers liken dit: